Vaker opereren bij lokaal gevorderde alvleesklierkanker: landelijk trainingsprogramma

24 maart 2022

Arts-onderzoeker Thomas Stoop

Twee derde van de patiënten met alvleesklierkanker zonder uitzaaiingen kan niet worden geopereerd vanwege lokale doorgroei in belangrijke bloedvaten. Bij veel internationale expertisecentra wordt echter langer voorbehandeld met chemotherapie (en bestraling) en vervolgens vaker geopereerd dan in Nederland. Thomas Stoop, arts-onderzoeker, werkt aan de implementatie van deze internationale methodes in Nederland, om zo de kans op langere overleving te vergroten. Dit PREOPANC-4 onderzoek is mede mogelijk gemaakt door het Deltaplan Alvleesklierkanker.

Twee jaar geleden werd duidelijk uit een onderzoek dat het percentage patiënten in Nederland dat geopereerd werd (na voorbehandelingen als chemotherapie en bestraling) lager is in vergelijking met internationale expertisecentra. Thomas: “Het gaat dan om patiënten bij wie de tumor rondom de bloedvaten is ingegroeid. In de afgelopen decennia zijn wij in Nederland wat terughoudender en voorzichtiger geweest om deze patiënten te opereren. Het zijn immers complexe operaties, met kans op complicaties die toentertijd niet opwogen tegen de voordelen van mogelijke overlevingswinst. Met de komst van betere chemotherapieën zoals FOLFIRINOX kan de tumor bij een deel van de patiënten voor langere tijd onder controle worden gehouden. Hierdoor kan een verwijdering van de tumor met een operatie zinvol en veilig zijn. Nu de internationale expertisecentra deze positieve resultaten hebben laten zien, is het tijd om in Nederland een stap voorwaarts te maken.”

Overlevingswinst

Binnen het implementatieonderzoek PREOPANC-4 wordt nu gekeken of er meer patiënten in Nederland zijn die baat kunnen hebben bij een operatie na voorbehandeling met chemotherapie. Artsen kiezen een behandeling, ondersteund door verbeterde selectiecriteria, zoals het bepalen van tumormarkers en het maken van scans. Het selecteren van de juiste patiënten voor een operatie is complex en vereist veel ervaring. Patiënten die nu mogelijk in aanmerking komen voor een operatie, worden voorgedragen aan een expertpanel. “De internationale experts kijken daar ook in mee. Samen kijken we wat de beste behandeling is en daarmee vergroten we de kans op langere overleving.”

Trainen voor een behandeling op maat

Thomas is nu bezig met de implementatie van de beste behandelmethode. “We hebben onderzoek gedaan naar de vier verschillende beste internationale behandelmethodes en deze samengevoegd tot één ‘beste behandelmethode’ die we willen inzetten. Daar hebben we een training voor opgezet voor onder andere chirurgen, oncologen, radiotherapeuten, maag-darm-lever-artsen, radiologen en pathologen.” De deelnemers aan die training zijn getraind door vier internationale expertisecentra uit Heidelberg, New York, Denver en Houston. We leren beter voor te behandelen met chemotherapie en we leren patiënten beter te selecteren. Wanneer is een operatie nuttig? Moeten we langer voorbehandelen? Moeten we switchen naar een andere chemotherapie? Zo maken we de behandeling veel meer op maat en kunnen we meer patiënten opereren.”

De wensen van de patiënt

Naast het optimaliseren van de medische kant, richt het onderzoek zich ook op het optimaliseren van de patiëntgerichte zorg. “Natuurlijk selecteren we patiënten op basis van een scan, bloedresultaten of een reactie op chemotherapie. Maar we brengen ook in kaart: wat wil een patiënt (en zijn of haar naaste) zelf? Als artsen moeten we de patiënt en diens naasten goed inzicht geven in hoe een behandeltraject eruit ziet, wat de mogelijke voor- en nadelen zijn van een behandeling, en wat deze kunnen betekenen voor de kwaliteit van leven. Om dit proces te verbeteren worden in het PREOPANC-4-project hulpmiddelen ontwikkeld die artsen, patiënten en hun naasten kunnen ondersteunen bij het nemen van dergelijke ingewikkelde beslissingen. De patiënt staat dus centraal. Natuurlijk geeft de arts aan welke behandeling hij of zij zinvol acht, maar we beslissen echt samen.”

Extra operaties

Het implementatieonderzoek loopt tot en met 2024. De implementatie is inmiddels gestart in Amsterdam, Rotterdam en Utrecht, maar Thomas hoopt zo snel mogelijk ook van start te kunnen gaan in de andere Nederlandse ziekenhuizen van de Dutch Pancreatic Cancer Group (DPCG). Hij verwacht al met al in de komende drie jaar tussen de 200 en 250 patiënten mee te kunnen nemen in het onderzoek. “Van die groep zullen we rond de vijftig mensen kunnen opereren.”  

Dit onderzoek is (naast financiering van het KWF) mede mogelijk gemaakt door een donatie van het Piet Poortman Fonds aan het Deltaplan Alvleesklierkanker. “Dankzij het Deltaplan kunnen we het hele onderzoek uitvoeren en juist dat is waanzinnig. We helpen patiënten echt verder.”

Wetenschappelijk onderzoek heeft directe impact op behandelmethodes voor patiënten. Hiervoor zijn financiële bijdragen ongelooflijk belangrijk.

Help jij ons mee?

Steun het Deltaplan Alvleesklierkanker

Meer nieuws van artsen/onderzoekers

Onderzoek zorgt voor meer maatwerk in behandeling alvleesklierkanker

Marjolein Lansbergen is onderzoeker in het Amsterdam UMC. Zij doet haar promotieonderzoek aan het PEGASUS-project.

25 juli 2024

Nederlands onderzoek naar alvleesklierkanker gaat over de grenzen

In de ‘RADAR-PANC trial’ wordt onderzocht of routinematige controles met bloedonderzoek en CT-scans na de operatie helpen bij het vroeg opsporen van terugkeer van alvleesklierkanker.

29 november 2023

Weer een stapje vooruit in alvleesklierkankeronderzoek – Voor een sprankeltje hoop

Op vrijdag 8 september is Deesje Doppenberg onder leiding van prof. Marc Besselink (chirurg) en dr. Anna Bruynzeel (radiotherapeut-oncoloog) gepromoveerd met een onderzoek naar nieuwe inzichten in de behandeling van alvleesklierkanker. Het onderzoek bestond uit drie delen.

18 oktober 2023

ANBI logo CBF logo Privacy Waarborg logo ANBI/RSIN nr: 007247849
Doneer